Arthur Jager

Uitgever van special interest magazines op vastgoedgebied | Crossmediale verbinder op internet

Belangrijke data

Het artikel delen

Share on facebook
Facebook
Share on google
Google+
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn

Online Magazines

Havenlocaties voor circulaire en distributieconcepten

Havenlocaties bevatten waterge- en -verbonden bedrijventerreinen

De vele binnenhavens die jaarlijks in ‘Havenlocaties Nederland’ worden besproken bestaan in feite uit watergebonden bedrijventerreinen. Een watergebonden bedrijventerrein is een terrein aan een vaarweg met een kade om goederen te laden of te lossen in of uit een binnenvaartschip. Deze overslag kan met een vaste of mobiele overslaginstallatie op de kade plaatsvinden of met een kraan op het schip. Op een watergebonden bedrijventerrein zijn watergebonden bedrijven gevestigd. Een watergebonden bedrijf gebruikt de binnenvaart voor het vervoer van grondstoffen, halfproducten of eindproducten. Er zijn enkele bedrijven die al hun goederen laten aan- en afvoeren over water maar de meeste bedrijven voeren hun grondstoffen aan over water en verspreiden de verwerkte producten vervolgens met behulp van wegtransport – denk aan een betoncentrale. Een dergelijk bedrijf is voor 50% watergebonden. Wij noemen een bedrijf watergebonden als tenminste 20% van de gecombineerde aan- en afvoer via de binnenvaart wordt vervoerd. Naast watergebonden zijn er ook waterverbonden bedrijven op bedrijventerreinen aan te wijzen. Dit zijn bedrijven die afhankelijk zijn van de binnenvaart zonder dat deze bedrijven aan water zijn gevestigd. Een ander bedrijf verzorgt voor het waterverbonden bedrijf de overslag; denk aan een containerterminal die voor een distributiecentrum dat op het bedrijventerrein is gevestigd containers over slaat. In tabel 1 karakteriseren wij bedrijventerreinen naar de mate van waterge-/-verbondenheid.

Watergebonden bedrijventerreinen steeds minder watergebonden

De mate van waterge- en -verbondenheid is in de loop van de jaren afgenomen bij veel bedrijventerreinen. Een groot deel van dergelijke bedrijventerreinen is steeds minder als echte havenlocatie te karakteriseren. Traditioneel kenden deze terreinen veel bouwbedrijvigheid of verwerkende industrie. Denk bijvoorbeeld aan een bedrijventerrein als Binckhorst in Den Haag dat in de jaren zestig een industriële locatie was met actief gebruik van de binnenhavens. Het terrein is nu opvallend doordat er innovatieve, creatieve en culturele bedrijvigheid is gevestigd, zoals in de Caballero Fabriek. Eén binnenhavenarm in Binckhorst is inmiddels jachthaven geworden en kan niet meer worden benut door de binnenvaart. Veel traditioneel watergebonden bedrijven zijn overgestapt naar het wegvervoer vanwege logistieke redenen en hebben hun overslagfaciliteiten ontmanteld. Andere watergebonden bedrijven zijn verhuisd naar grotere terreinen zoals op een distripark in de Rotterdamse haven en veel industrie is verdwenen door algemene processen van de-industrialisatie. Dit betekent dat de vraag naar watergebonden terreinen is afgenomen. Tegelijkertijd hebben veel gemeenten ook allerlei andere activiteiten op traditioneel watergebonden bedrijventerreinen toegelaten zoals detailhandel. Op bedrijventerrein Binckhorst is geen ruimte beschikbaar en is geen toekomst voorzien met een traditioneel watergebonden karakter.

In de toekomst kan echter de vraag naar watergebonden bedrijventerreinen weer toenemen door twee belangrijke nieuwe uitdagingen. De eerste uitdaging is de circulaire economie – met als zwaartepunten bouwlogistiek, recycling en overslagstations voor afval. De tweede uitdaging is de behoefte aan nieuwe vormen van innovatieve stedelijke distributie met inschakeling van de binnenvaart. Is er ruimte beschikbaar op de bestaande bedrijventerreinen voor deze vernieuwende uitdagingen?

Inventarisatie in Metropoolregio Rotterdam-Den Haag

In opdracht van de Metropoolregio Rotterdam-Den Haag (MRDH) zijn 39 watergebonden bedrijventerreinen in de Metropoolregio door ons1 onderzocht. Daarbij is gekeken naar:
1. de mate waarin zij waterge- dan wel -verbonden zijn;
2. wat de dominante activiteiten zijn die gebruik maken van de binnenvaart op de terreinen;
3. wat de geplande toekomst van de terreinen is;
4. wat de te verwachten vraag naar waterge-/-verbonden circulaire en stedelijke logistieke activiteiten in de regio is;
5. waar die activiteiten het beste kunnen plaatsvinden.

Voor elk van de 39 bedrijventerreinen is een factsheet gemaakt – waar hier ter illustratie een aangepaste sheet voor Spaanse Polder is weergegeven. Deze factsheets zijn voorgelegd aan de contactpersonen van de regiogemeenten, zodat een gedragen beeld is ontstaan.

De 39 onderzochte bedrijventerreinen zijn in totaal goed voor een bruto oppervlakte van 1145 hectare. Van de 1145 hectare is 125 hectare niet meer beschikbaar om de toekomstige waterge-/-verbonden vraag te faciliteren doordat het bedrijventerrein een andere bestemming heeft gekregen – doorgaans wonen of kantoorgebied. Dit betreft bijvoorbeeld bedrijventerrein Plaspoelpolder in Rijswijk, Schiehaven in Rotterdam en het haventerrein van Spijkenisse in de gemeente Nissewaard. Daarnaast is het voor 91 hectare momenteel onduidelijk in hoeverre ook in de toekomst een waterge- dan wel -verbonden karakter zal worden gehandhaafd of dat woningbouw, recreatie of kantooractiviteiten daar plaats zullen vinden. Dat betekent dat 929 hectare waterge-/-verbonden bedrijventerreinen resteert. Ter illustratie zijn in tabel 2 de tien grootste bedrijventerreinen in de MRDH weergegeven.

Wij karakteriseren deze 929 hectare met drie hoofdgroepen.
• Grote, gemengde stedelijke waterge-/-verbonden bedrijventerreinen zoals Binckhorst in Den Haag en Spaanse Polder in Rotterdam.
• Belangrijke bedrijventerreinen voor de scheepvaart en het maritieme cluster zoals Stormpolder in Krimpen aan den IJssel of de Wilhelminahaven in Schiedam.
• Een grote hoeveelheid kleinere bedrijventerreinen die zand- en grindoverslag, scheepsbouw of recyclingactiviteiten herbergen, zoals de Koggehaven in Vlaardingen of de IJsseldijk in Capelle aan den IJssel.

In ons onderzoek adviseren wij in verreweg de meeste gevallen het waterge-/-verbonden karakter van deze bedrijventerreinen te handhaven of zelfs te koesteren. Dat is belangrijk omdat het hier gaat om terreinen met belangrijke economische activiteiten en bedrijvigheid die mogelijkheden biedt voor verdere ontwikkeling.

Kansen voor circulaire activiteiten en stedelijke distributie

Op basis van gesprekken met experts hebben wij de ruimtevraag vastgesteld voor de toekomstige waterge-/-verbonden circulaire en stedelijke distributieactiviteiten. Zij voorzien tot 2030 geen honderden hectares voor dergelijke activiteiten. Voor watergebonden stedelijke distributie gaat het om faciliteiten van 10-20 hectare. Voor circulaire economie om 2-4 hectare maximaal per bedrijventerrein, vooral gericht op de overslag naar grotere verwerkingslocaties in de zeehavens. Er zijn ongeveer drie van deze terreinen nodig in de MRDH, aangevuld met kleine overslaglocaties. Hierbij gaat het in totaal om ongeveer 30-60 hectare in de MRDH tot 2030. Deze 30-60 hectare moet worden gevonden binnen de bestaande voorraad waterge-/-verbonden bedrijventerreinen van 929 hectare. Het is dus belangrijk om de voorraad aan te passen aan de vraag naar stadsdistributie en de circulaire economie tot 2030. Daarnaast is een omvangrijke hoeveelheid terrein benodigd voor niet-watergerelateerde toepassingen voor stedelijke distributie en circulaire economie. Het bureau Metabolic2 heeft onderzoek verricht naar de circulaire economie voor Rotterdam en neemt in het centrum van Rotterdam en langs de A20 circulaire ontwerp- en digitale activiteiten waar en in Spaanse Polder en Waalhaven Zuidzijde vooral productlevenverlengende activiteiten.

Wij zien in het bijzonder drie waterge-/-verbonden bedrijventerreinen die een belangrijke rol kunnen spelen in het faciliteren van toekomstige kansen. Ten eerste bedrijventerrein Binckhorst in Den Haag. Dit gebied achten wij kansrijk voor zowel een cargohub voor stedelijke distributie als een bouwhub voor de belangrijke stedelijke bouwopgave. Dit past ook bij het beoogde circulaire karakter van de Binckhorst, maar binnen Den Haag is ook de Fruitweg een goed alternatief. Ten tweede Schieoevers Zuid in Delft. Dit gebied kan fungeren als een beperkte cargohub voor stedelijke distributie en een locatie voor circulaire activiteiten. Ten derde Spaanse Polder in Rotterdam. Dit bedrijventerrein is kansrijk als cargo- en bouwhub voor Rotterdam. Dit betekent dat de vaarweg de Schie een circulair-logistieke ader is die Spaanse Polder en Binckhorst verbindt in de MRDH.

Naast nieuwe bedrijven zijn er ook bestaande watergebonden ondernemers met potentie voor circulaire processen. Het gaat daarbij vooral om de maritieme sector en om levensduurverlenging van schepen en om mogelijke combinaties met circulaire activiteiten, waarbij recycling en bouwlogistiek er uit springen.

Welke voorwaarden zijn er van belang? Het is noodzakelijk dat gemeenten actief gaan sturen op afvalscheiding en het faciliteren van innovatieve distributieconcepten. Het gaat daarbij om de ontwikkeling en toepassing van vernieuwende logistiek. De aanzienlijke verzorgingsgebieden vereisen namelijk nieuwe logistieke concepten door logistieke dienstverleners en verladers gericht op de ‘last mile-belevering’.

1) E. Becker en B. Kuipers (2018) De potentie van watergebonden bedrijventerreinen in de Metropoolregio Rotterdam-Den Haag. Rotterdam: Erasmus UPT. Te downloaden op: https://mrdh.nl/
2) Metabolic, Circle Economy, Blue City, Spring Associates (2018) Circulair Rotterdam. Kansen voor nieuwe banen in een afvalvrije economie, Amsterdam: Metabolic
3) ‘Rotterdam wil afval in tien jaar tijd halveren’. Persbericht Gemeente Rotterdam, 1 maart 2019.

Voorbeeld Spaanse Polder: bedrijventerrein met circulaire potentie

Spaanse Polder is een omvangrijk bedrijventerrein van 115 hectare, ontwikkeld vanaf de jaren vijftig en gelegen tussen de Delfshavense Schie, de Schiedamse Schie en de spoorlijn tussen Rotterdam en Schiedam. Kenmerkend is de Van Nelle fabriek (jaren twintig). Spaanse Polder is nu een gemengd bedrijventerrein met veel groothandel, autobedrijven, recycling, food (zoals Verstegen specerijen, Sligro, Zegro, Schmidt Zeevis) en diverse technische bedrijven. Ook is er een vestiging van online supermarkt Picnic gevestigd en het grootste depot in ons land van pakketvervoerder GLS – onder meer actief in ecommerce thuisbelevering.

Uit een inventarisatie van de kenmerkende binnenhavenarmen van het bedrijventerrein (zie kaartje) blijkt dat er vier bedrijven actief gebruik maken van de binnenvaart: de bouwbedrijven Mebin (1) en M.J. de Groot Zandhandel (2), het sloopbedrijf Oranje (6) en Martijn Vermeer (4). Martijn Vermeer is een voorbeeldbedrijf op het gebied van circulaire economie. Het is een multifunctioneel maritiem maakbedrijf op het gebied van hout- en metaalbewerking, gevestigd in een binnenvaartschip dat naast een van de openbare kaden is gelegen. Het bedrijf restaureert onder anderen scheepswrakken die in veel havens in vergeten hoekjes liggen te vergaan en rust deze schepen desgewenst uit met een elektrische motor. Met deze vorm van ambachtelijke maritieme maakindustrie is Martijn Vermeer het grootste bedrijf in zijn soort in ons land. Het past perfect in Spaanse Polder en in de circulaire ambities van de gemeente Rotterdam.3

De meeste oevers in de havenarmen in Spaanse Polder zijn niet geschikt voor overslag. Er is vaak geen goede kade. Hierdoor maakt een groot metaalrecyclingbedrijf als Krommenhoek Metals (5) geen gebruik van de binnenvaart. Wel is er een kleine jachthaven in Spaanse Polder gevestigd (3).
Hoewel de kwaliteit van de Schie is vergroot door een bochtafsnijding, is de Giesserbrug mogelijk een belemmerende factor bij het stimuleren van watergebonden bedrijvigheid. Deze brug over de Delfshavense Schie werkt namelijk sinds 2017 niet meer.

Onze conclusie is dat Spaanse Polder een kansrijk terrein is voor de vestiging van zowel een cargohub als voor een bouwhub. Als cargohub ligt Spaanse Polder strategisch tussen Rotterdam en Den Haag en is in feite de enige omvangrijke optie in het noorden van Rotterdam voor dergelijke concepten. Vandaar ook de vestiging van GLS. Het revitaliseren van de insteekhavens is wel een lange termijnactie. Ook voor bouwlogistiek lijkt Spaanse Polder aantrekkelijk, mede aansluitend op de omvangrijke woningbouwopgave in Rotterdam. Oranje (6), Krommenhoek Metals en Martijn Vermeer zijn voorbeelden van bedrijven in de Spaanse polder die al bezig zijn met circulair ondernemen. Een ander voorbeeld om meer te doen met te de wateraansluiting is het ‘Scheepshaltes op de Schie’ concept van de innovatieve binnenvaartondernemer Hans de Ruiter.

Bedrijventerrein Spaanse Polder biedt veel aanknopingspunten om het circulaire programma ‘Van Zooi naar Mooi’ van de gemeente Rotterdam te faciliteren. Met name de voorziene ‘materialenhubs’ aan de rand van de stad kunnen er uitstekend gevestigd worden en kunnen tegelijkertijd meehelpen om het bedrijventerrein een vitale en duurzame uitstraling te geven.